Het clubkampioenschap te Eeklo op 5 september 2009.
De wedstrijd voor het clubkampioenschap op 5 september 2009. De klemtoon ligt op AMUSEMENT, maar om het allemaal een beetje sportief te houden worden PUNTEN TOEGEKEND. We doen drie oefeningen, waarbij de vaardigheid van de piloot ligt op de vlakken van
· Goede inschatting van eigen vluchtduur
· Goede vaardigheid voor kleine oefeningen tijdens of voor de vlucht
· Goede landingen.
De uitslag kan je hier bekijken .
Clubkampioenschap 2009
Eerste proef: eendje in nestje plaatsen, drie loopings en doellanding.
· Het toestel wordt startklaar gemaakt, voor brandstofmotoren wil dit zeggen dat ze mogen gestart worden, vliegtuig klaar in startpositie met motor op ralenti (eventueel met een helper met de zender erbij)
· Chrono start: Vooraleer op te stijgen, moet de piloot eerst een “eendje vissen”; dit is gemaakt uit isomo, moet met een hengel opgevist worden, én moet dan neergezet worden in zijn “nestje”: daartoe is een “nestje” gemaakt met voldoende, maar beperkte ingangsruimte.
· Na het “nesten” van het eendje mag de piloot opstijgen , een circuit vliegen en moet drie loopings maken.
De jury oordeelt of de looping geldig is (soms vallen sommigen eruit en krijgen een onvoldoende, dus opnieuw proberen)
· Daarna maakt de piloot zich klaar voor de DOELLANDING
· BELANGRIJK: de ganse oefening, dus tot het raken van de grond wordt verondersteld precies DRIE MINUTEN te duren. Voor elke seconde die de piloot te vroeg landt, krijgt hij strafpunten, voor elke seconde die de piloot te laat landt, krijgt hij dubbele strafpunten.
· De DOELLANDING kan dus nog 25 punten extra opbrengen. Chrono stopt bij raken van de grond.
Tweede Proef: piloot moet door “limbo” poort gevolgd door doellanding.
Er worden “poorten” of doorgangen gemaakt van 1,5 meter hoog.
· Chrono start, en piloot stijgt op, en vliegt een circuit.
· Met het vliegtuig in de lucht, dient de piloot door beide poorten te gaan om terug op zijn startplaats te komen staan. (Van punt A naar punt B door een poort, van B terug naar A terug door een poort). De manier waarop de piloot er onder gaat is niet belangrijk, desnoods kruipt hij, als hij zijn toestel maar veilig in de lucht houdt.
· De piloot doet zijn doellanding, weliswaar met de bedoeling dit precies op tijd te doen.
· De piloot start met een krediet van 120 punten (het equivalent van twee minuten vliegduur), tenminste indien hij door de poorten geraakt is, anders zijn er voor de eigenlijke vlucht géén punten, wel voor de doellanding.
· De piloot schat zelf de tijd in, GEEN CHRONO’s OF HORLOGES, en probeert precies na twee minuten totale tijd de grond te raken.
· Per seconde die hij te vroeg de grond raakt, verliest hij EEN punt, per seconde die hij te laat de grond raakt, verliest hij TWEE punten.
· De DOELLANDING kan nog 25 punten extra opbrengen.
Derde proef: paaltje omver vliegen (in isomo).
Hier wordt wel door de jury gechronometreerd, want er staat een tijd van maximum 4 minuten ter beschikking. De piloot start met een krediet van 240 punten (het equivalent van 4 minuten) Chrono start bij take off: eerst wordt een circuit gevlogen. Paaltje afvliegen genereert een extra van 50 punten. De vliegduur uitgedrukt in seconden wordt afgetrokken van de 240 basispunten. Ook hier kan de doellanding nog 25 extra punten genereren. OPGELET: wie nog altijd geen paaltje geraakt heeft, mag wel landen voor de punten van zijn doellanding te scoren, maar zal voor de eigenlijke vlucht geen punten scoren, enkel voor de doellanding, VB: een piloot slaagt er in het paaltje af te vliegen na 30 seconden, en landt binnen de twee meter cirkel: